Onderzoekt en verzamelt de geschiedenis van werk, werkenden en arbeidsverhoudingen wereldwijd

Arm in Zeeburgerdorp

Het IISG is gevestigd op enkele honderden meters van de plaats waar in de jaren '20 en '30 een armenkolonie huisde: Zeeburgerdorp. Zeeburgerdorp werd in 1926 gesticht met de bedoeling arme ‘asociale’ gezinnen fatsoen bij te brengen. Meer over Arm en Rijk op het IISG in het kader van de Maand van de Geschiedenis 2012

Woonscholen

Krotbewoners, probleemgezinnen, verslaafden, wanbetalers en  andere onaangepasten konden vanaf 1926 terecht in Zeeburgerdorp, het huidige Zeeburgerpad. De Woningwet had  woningbouwverenigingen sinds 1902 de mogelijkheid gegeven krotten onbewoonbaar te verklaren. De mensen die er woonden werden dan dakloos en vervielen veelal van kwaad tot erger. Voor deze gezinnen waren vanaf 1918 houten barakken beschikbaar in Zeeburg. In 1926 verrees op de zelfde plek een ‘woonschool’.  De woonschool was een sociaal-pedagogisch project waar de ‘ontoelaatbare gezinnen’ het leven moesten leren. Ook Asterdorp in Amsterdam-Noord was een woonschool.

De woonscholen boden niet alleen onderdak tegen een huurprijs die ver onder het gebruikelijke lag,  de mensen leefden er ook onder strenge controle,  gericht op het terugdringen van wanbetaling, overlast voor buren en verwaarlozing van de woning. De wijk was maar op één manier toegankelijk, via een poortgebouw. De  gezinnen werden in de gaten gehouden door woningopzichteressen, voorlopers van de maatschappelijk werkers, in die tijd een typisch vrouwenberoep. Zij haalden ook de huur op. De huizen waren zo gebouwd dat een woningopzichteres in één blik de hele woning kon overzien zodra ze onaangekondigd binnenkwam.

Bewoners

Zeeburgerdorp had 56 eengezinswoningen, een badinrichting en verschillende clublokalen. Een bijzonderheid is dat alle gezinnen die er begin jaren ’30 woonden uitvoerig zijn gescreend en beschreven door sociaal-psychiater Arie Querido.
Querido onderzocht de gezinnen op hun geestelijke gezondheid en legde zijn resultaten neer in  Het Zeeburgerdorp. Een sociaal-psychiatrische studie (Leiden 1933) De bewoners waren voor het grootste deel ongeschoolde arbeiders of werklozen. De meeste volwassenen waren ooit met justitie in aanraking gekomen wegens dronkenschap of kleine diefstallen. De jeneverfles was een goede bekende in Zeeburgerdorp en huiselijk geweld was eerder regel dan uitzondering. Enkele illustratieve citaten:

  • ‘Hij is een lanterfanter, niet tot geregeld werk te krijgen, een stugge, eenzelvige man. De vrouw is een prikkelbare, kwaadaardige slons, weinig thuis…Zij komt uit een zwaar belaste familie. De oudste drie kinderen zijn in een zwakzinnigen-inrichting. ‘
  • ‘Hij is een ruwe klant, mishandelt vrouw en kinderen, herhaaldelijk veroordeeld. ... De vrouw steelt en zwendelt, gaat veel uit, geeft zich met andere mannen af. Vier kinderen zijn in gestichten, vier zijn overleden. De woning is vuil, rommelig en uiterst armoedig.’

Querido vond dus veel geestelijke afstomping en afwijkingen. Maar kreeg men die afwijkingen nu door de  voortdurende armoede, of werd men arm door de afwijkingen? In elk geval vond hij dat chronische ondervoeding, vervuiling en verwaarlozing bepaald niet meewerken tot de ontwikkeling van een gezonde geest. Hij zag op Zeeburg een sociaal probleem, veroorzaakt door maatschappelijke omstandigheden waaraan dus ook iets te doen viel, al besefte Querido dat dit geen sinecure was.

Project mislukt

De effectiviteit van het Zeeburger opvoedingsproject was gering. Slechts een kwart van de bewoners tussen 1926 en 1938 werd wegens gunstig gedrag binnen twee jaar overgeplaatst naar een gewone woning. De meesten bleven langer dan de bedoeling was, of vertrokken eigener beweging, vaak opnieuw naar een krot. Daar had men tenminste geen last vande woningopzichteres. Bij de autoriteiten brak het inzicht door dat het bij de 'onmaatschappelijkheid' niet in alleen om de huisvesting ging, maar om een veelomvattender probleem. Uiteindelijk werd Zeeburgerdorp in 1944 op last van de Duitsers afgebroken.

Geplaatst: 
28 augustus 2012