Onderzoekt en verzamelt de geschiedenis van werk, werkenden en arbeidsverhoudingen wereldwijd

Kautsky archieven virtueel verenigd

De socialistische theoreticus Karl Kautsky en zijn vrouw Luise brachten hun omvangrijke papieren nalatenschap in 1938 onder bij het IISG. Het archief overleefde de oorlog in het Engelse depot van het instituut. Bij de ordening in de jaren vijftig vond een soort celdeling plaats: het Kautsky archief en het Kautsky-familiearchief leidden sindsdien een apart bestaan, vele functionele verbindingen en raakvlakken ten spijt. Nu zijn beide archieven virtueel herenigd en is de inventaris online beschikbaar.

De Kautsky's waren al bij hun leven doordrongen van hun eigen historische betekenis. Ze bewaarden in principe alle papieren die hun onder ogen kwamen, of het nu om een eenregelige briefkaart, een visitekaartje of een omvangrijk correspondentiedossier ging. Niet alleen eigen manuscripten en tekstfragmenten, ook die van familieleden of andere belangrijke derden werden bij het uitdijende archief gevoegd en bij hun verhuizingen sleepten ze dit alles met zich mee. Sommige leden van de familie legden hun herinneringen vast op verschillende momenten in hun levensloop, een bezigheid waarbij Karl zich eens nadrukkelijk afvroeg wat latere generaties van hem zouden denken (inventarisnummer Kautsky-FA 2137).

Dankzij deze bewaardrift behelzen beide delen van het Kautsky-archief samen nu zo'n 15.000 brieven van ongeveer 3000 afzenders, kopieboeken van eigen brieven, manuscripten van uitgegeven en onuitgegeven werk en talloze afzonderlijke familiedossiers. De bijzonder fraaie foto-collectie van de familie Kautsky vanaf de vroegste tijd der fotografie tot c. 1940 is apart raadpleegbaar (651 afbeeldingen, via de online publiekscatalogus (zoek onder 'special collections', 'Kautsky').

De geschiedenis van de clan-Kautsky en de persoon van Luise Kautsky-Ronsperger, Kautsky's tweede vrouw, treden met deze archief-hereniging meer naar de voorgrond. De negentiende-eeuwse Duits-Oostenrijks- Tsjechische groot-familie Kautsky met zijn vele persoonlijke talenten en vertakkingen over de hele wereld is door de aandacht voor Karl als socialistisch theoreticus nogal onderbelicht gebleven. Onder de familiedossiers vallen de dagboeken van Karls moeder Minna Kautsky (inventarisnummers Kautsky-FA 2001-2055) op, een in haar tijd in midden-Europa gevierd schrijfster van sociale romans.

De in Graz geboren Minna Jaich (1837-1912) bracht haar jeugd in Praag door en begon als veertien-jarige met één jaar lagere school een carrière als actrice. Die werd, zoals ze zelf schreef, door haar vroege huwelijk met de Tsjechische decor-schilder Johann Kautsky en de daaropvolgende geboorte van vier kinderen 'storend onderbroken'. Minna was nogal ziekelijk, maar ze benutte de tijd door samen met haar kinderen te lezen en als autodidakt verder te studeren. In 1870 verscheen haar eerste publikatie, Moderne Frauen. De bevrijding der mensheid door het socialisme en het vrouwenvraagstuk waren terugkerende thema's in haar werk. Haar stijlfiguren en schrijftechniek waren ontleend aan die van de stuiverroman, haar helden waren proletariërs. Ze schreef ook voor toneel, maar haar theaterstukken waren minder populair.

Minna had een speciale band met haar oudste zoon Karl, die haar bewonderde. Ze adviseerde hem in alle levenskwesties, waaronder de keuze van een vrouw. Zijn eerste huwelijk, met Louise Strasser, eindigde in 1889 met een scheiding. Louise werd huishoudster bij Friedrich Engels, waardoor de relatie tussen Kautsky en Engels tijdelijk bekoelde. In 1890 hertrouwde Kautsky met Luise Ronsperger.

De Weense Luise Ronsperger (1864-1944) werkte als cheffin in de Konditorei van haar ouders en was een huisvriendin van Minna Kautsky. Na haar huwelijk met Karl in 1890 werd ze ook zijn naaste medewerkster; daarbij was zij publicist, vertaler, uitgever, archivaris en niet in de laatste plaats de moeder van drie zonen. Ze publiceerde onder meer voor het vrouwenblad Gleichheit van Clara Zetkin en vertaalde werk van Marx, Engels en anderen. Zij voerde correspondentie over theoretische, politieke en literaire vraagstukken, in Kautsky's naam en ook zelfstandig. Haar innige vriendschap met Rosa Luxemburg begon rond 1900 en bleef overeind ondanks de politieke verwijdering die tussen Luxemburg en Kautsky optrad. Na de moord op Rosa Luxemburg gaf Luise eerst haar brieven, later een gedenkboek uit.

De Kautsky's waren in hun denken en doen ware internationalisten. Het echtpaar onderhield zowel thuis als op papier, in correspondentie, een salon vol gasten uit alle windstreken, waar een enorme bedrijvigheid heerste. Vanaf het eind van de negentiende eeuw werd Kautsky alom als richtinggevende autoriteit op het gebied van de sociaal-democratie beschouwd. Beginnende socialisten uit de hele wereld richtten zich tot de Kautsky's met vragen omtrent strategie en tactiek. Met grenzenloos respect en grote emotionele betrokkenheid, zoals uit de brieven blijkt: 'Verehrtester Meister!' 'Genosse und Lehrer!' De Kautsky's schreven iedereen terug, kort of uitvoerig. Alleen al voor het theoretisch maandblad Die Neue Zeit, stuurde Kautsky als hoofdredacteur 1000 brieven per jaar aan auteurs de deur uit. Een deel van Karl en Luise Kautsky's correspondentie is als bronnenpublikatie verschenen.

In 1917 stopte Kautsky's werk voor Die Neue Zeit, het forum voor de Europese socialistische intelligentsia dat hij in 1883 had opgericht. Kautsky publiceerde nadien een aantal studies, waaronder Die materialistische Geschichtsauffassung (1927) en Sozialisten und Krieg (1937) en begon aan zijn memoires, maar kwam daarbij niet verder dan tot 1883. Door de 'Anschluss' van Oostenrijk gedwongen verhuisden de Kautsky's in maart 1938 vanuit Wenen naar Amsterdam. Daar stierf Karl kort na zijn vierentachtigste verjaardag in zijn slaap op 17 oktober 1938. Luise handelde de overdracht van hun archief aan het dan drie jaar oude IISG af. Als joodse ontkwam zij uiteindelijk ondanks haar 'gemengde huwelijk' niet aan deportatie. Ze vond de dood in Auschwitz op 8 december 1944.

Biografische gegevens in:

  • Dick Geary, Karl Kautsky (Manchester 1987)
  • Till Schelz-Brandenburg, Eduard Bernstein und Karl Kautsky: Entstehung und Wandlung des sozialdemokratischen Parteimarxismus im Spiegel ihrer Korrespondenz 1879 bis 1932 (Köln [etc.] 1992)
  • Marxismus und Demokratie. Karl Kautskys Bedeutung in der sozialistischen Arbeiterbewegung, Jürgen Rojahn, Till Schelz, Hans-Josef Steinberg (Hg) (Frankfurt, New York 1992), Quellen und Studien zur Sozialgeschichte, Bd. 9

Tekst: Margreet Schrevel